• Locatie Beilen
  • Leestijd 5 minuten
  • Branche Sport
  • Oplevering 2024

Sportpark Noord-West verduurzaamt op praktische en financieel haalbare wijze

Een sportpark verbruikt ongemerkt veel energie. Voor veel amateurclubs vormt dat een groeiende uitdaging. Hoe houd je een accommodatie betaalbaar, terwijl energieprijzen stijgen en de roep om verduurzaming groeit? Op sportpark Noord-West in Beilen besloten vv Beilen en cvv FIT Boys die uitdaging niet uit de weg te gaan.  

Het echte verhaal zit niet zozeer in de technische installaties, maar veel meer in de mensen achter de clubs. Want hoe krijg je het bestuur, de vrijwilligers en honderden leden mee in zo’n grote verduurzamingsslag met bijpassend prijskaartje? En hoe zorg je dat verduurzaming geen bedreiging vormt voor de contributie? Het antwoord ligt in de gekozen aanpak. Klein beginnen, kansen benutten en vooral het gesprek binnen de club blijven voeren. 

Een plan dat stap voor stap groeit

Het complex vormt al jaren het sportieve hart voor twee verenigingen: vv Beilen en cvv FIT Boys. Met zestien kleedkamers, twee kantines en meerdere velden draait het sportpark vrijwel de hele week door. Juist dat intensieve gebruik maakte van energie lange tijd een flinke kostenpost. De afgelopen jaren groeide het sportpark daarom stap voor stap uit tot een duurzaam voorbeeld binnen de regio. Door de installatie van zonnepanelen, ledverlichting voor de velden en verschillende warmtepompsystemen nam het energieverbruik flink af. 

Gefaseerde aanpak geeft overzicht 

Berjon Groenink (rechts op foto) kent het sportpark als zijn broekzak. Jarenlang zat hij in het bestuur van de beheerstichting van het sportpark. Daarnaast werkt hij bij installateur Gebr. Middelveld en in zijn vrije tijd trapt hij als lid van cvv FIT Boys graag een balletje. Vanuit alle rollen hield hij zich intensief bezig met het verduurzamingstraject.

De eerste aanzet kwam rond 2020. De gemeente Midden-Drenthe besloot alle sportparken in de gemeente onder de loep te nemen en liet een onafhankelijk adviesbureau onderzoek doen naar mogelijke energiebesparingen. “Dat leverde een rapport op met verschillende maatregelen,” zegt Groenink. “We kozen toen bewust voor een aanpak in fases. Zo konden we stap voor stap investeren en blijft het financieel overzichtelijk.”

Het creëren van draagvlak 

Het sportpark koos ervoor eerst het laaghangende fruit te plukken. Door de plaatsing van 160 zonnepanelen en het vervangen van de oude veldverlichting door ledverlichting daalde het energieverbruik meteen. Daarna volgde stap twee: de gebouwen verduurzamen. Oude cv-ketels maakten plaats voor warmtepompen van Mitsubishi Electric, waardoor de verenigingen nu ook de kantines en bestuurskamers op een duurzame manier verwarmen. In de laatste fase vernieuwde het sportpark ook het warmtapwatersysteem.

Die gefaseerde aanpak hielp enorm bij het creëren van draagvlak. “Een grote investering zoals die van ons schrikt snel mensen af”, licht Groenink toe. “Via zichtbare besparingen, een financiële boost van de gemeente en de BOSA-subsidie trokken we iedereen over de streep.” Binnen het bestuur ontstond daardoor weinig discussie over de plannen. De gemeente Midden-Drenthe droeg een deel van de eerste investeringen en via de BOSA-regeling kwam nog eens een deel van de kosten terug.

Goede voorbereiding is het halve werk

Daardoor hoefden de verenigingen en de stichting uiteindelijk maar een beperkt deel zelf te betalen. “Bij de eerste ronde kregen we bijna zeventig procent van de investering vergoed,” zegt Groenink. “Dan wordt de stap om te verduurzamen voor een vereniging ineens een stuk interessanter.” Later volgde dankzij een actie van de bank nog een bijdrage. Groenink: “Toen dat duidelijk werd, was het besluit eigenlijk vrij snel rond.” 

Ook tijdens de Algemene Ledenvergadering stuitten de plannen nauwelijks op weerstand. Voor leden was vooral belangrijk dat de contributie niet omhoog hoefde. “Dat konden we met hulp van de berekeningen laten zien. Vervolgens merk je dan direct dat iedereen vooral wil dat het sportpark toekomstbestendig blijft.” 

Naar branchepagina Sport

Het verhaal achter de cijfers 

Om die besparing en de technische mogelijkheden vooraf inzichtelijk te maken, betrok Groenink Mitsubishi Electric clubexpert Gert Veurink bij het verhaal. Hij bracht het tapwaterverbruik van het sportpark nauwkeurig in kaart. “We keken bijvoorbeeld naar een drukke zaterdag”, vertelt hij. “Hoeveel teams spelen er? Hoeveel spelers douchen er? Met dat soort gegevens berekenden we hoeveel warm water en energie er werkelijk nodig is.”?

Die berekeningen vormden de basis voor het ontwerp van de warmtepomp installatie. Het systeem richt zich vooral op de piekmomenten, zoals zaterdagochtenden waarop tientallen teams kort na elkaar van het veld komen. 

Meer over CO2-warmtepomp

Slim omgaan met eigen energie 

De zonnepanelen leveren inmiddels een flink deel van de elektriciteit voor het sportpark. Een groot deel van die stroom gaat rechtstreeks naar de installatie voor warmtapwater. Dat water verbruikt het sportpark in grote hoeveelheden. Met zestien kleedkamers en tientallen douches loopt het aantal douchebeurten op een drukke wedstrijddag snel op.

“Op een volle zaterdag kunnen hier meer dan vierhonderd spelers douchen,” zegt Veurink. “Daar hebben we de installatie op afgestemd. Door energie op te slaan in warmwaterbuffers en slim te plannen, gebruikt het sportpark een groot deel van zijn eigen zonnestroom direct.” 

Een grens bereikt

Tijdens het traject liepen de clubs ook tegen een praktische uitdaging aan. Door alle nieuwe installaties dreigde het sportpark boven de maximale capaciteit van de bestaande stroomaansluiting uit te komen. De verenigingen gingen daarom in gesprek met netbeheerder Enexis. Samen namen ze het energieverbruik van het sportpark onder de loep. Binnen de clubs keek men waar zij het verbruik konden verlagen en hoe zij installaties slimmer konden gebruiken. “Na een aantal maanden bleek het reguliere verbruik inderdaad lager uit te vallen. Dat gaf Enexis voldoende vertrouwen om iets meer ruimte op de aansluiting vrij te geven. Voor het sportpark bleek dat een werkbaar compromis”, aldus Groenink. 

Sport betaalbaar houden

Bij alle plannen stond één vraag continu centraal: Hoe kunnen we de verduurzaming hand in hand laten gaan met de betaalbaarheid van de sport voor de leden? Met de verduurzaming die we hebben doorgevoerd snijdt het mes aan twee kanten. “Het doel was nooit om de contributie te verhogen om deze investeringen te betalen,” zegt Groenink. “We willen dat iedereen hier kan blijven voetballen. Voorlopig lukt dat. De contributie stijgt vooral mee met de algemene prijsontwikkelingen en ligt nog altijd lager dan bij veel clubs in de regio.” 

Gewoon beginnen

Na een traject van vijf á zes jaar heeft sportpark Noord-West een grote verduurzamingsslag achter de rug. Het complex draait grotendeels elektrisch en de energiekosten zijn met zo’n 35 tot 40% gedaald. Volgens Groenink ligt daar ook de belangrijkste les voor andere verenigingen. “Begin gewoon. Je hoeft niet alles tegelijk te doen. Zet een eerste stap en bouw daar rustig op verder. Op sportpark Noord-West bewijst men dat zo’n aanpak werkt.”