Bomen in bos

Alles over F-gassen

En de nieuwe certificeringseisen

Koudemiddelen spelen een onmisbare rol in airconditioning-, koel- en warmtepompinstallaties. Ze zorgen ervoor dat warmte efficiënt verplaatst, waardoor installaties verwarmen, koelen en warmtapwater produceren met een hoog rendement. Binnen de markt maken we onderscheid tussen synthetische koudemiddelen (R32) en natuurlijke koudemiddelen zoals propaan (R290) en CO2 (R744).

Op 11 maart 2024 trad de vernieuwde Europese F-gassenverordening in werking. Deze regelgeving heeft grote gevolgen voor de toepassing van koudemiddelen, de ontwikkeling van warmtepompen en airconditioning, én voor de certificering van monteurs en installatiebedrijven.

Over de F-gassenverordening

De Europese Unie heeft de F-gassenverordening aangepast om de uitstoot van fluorhoudende broeikasgassen (HFK's) versneld terug te dringen. Deze synthetische koudemiddelen hebben vaak een hoge GWP-waarde (Global Warming Potential) en kunnen bijdragen aan de opwarming van de aarde wanneer ze in de atmosfeer terechtkomen.

De nieuwe verordening zorgt ervoor dat het beschikbare volume F-gassen de komende jaren stapsgewijs afschaalt. Tegelijkertijd stimuleert de regelgeving de toepassing van koudemiddelen met een lagere milieu-impact. Hierdoor neemt de toepassing van natuurlijke koudemiddelen zoals propaan (R290) en CO2 (R744) exponentieel toe.

Mitsubishi Electric ontwikkelt haar producten continu door om het koudemiddelvolume te beperken en de overstap naar koudemiddelen met een lagere milieu-impact eenvoudig mogelijk te maken. Voor eindgebruikers én installateurs.

Wat betekent GWP?

GWP staat voor Global Warming Potential. Deze waarde geeft aan hoeveel invloed een koudemiddel heeft op de opwarming van de aarde ten opzichte van CO2 over een periode van 100 jaar. CO2 heeft daarbij een referentiewaarde van 1. Hoe hoger de GWP-waarde, hoe groter de potentiële impact op het klimaat.

Koudemiddel GWP-Waarde
R410A 2088
R32 675
R454C 148
R290 (propaan) 3
R744 (CO2) 1

De milieubelasting van een installatie wordt niet alleen bepaald door de GWP-waarde, maar ook door de hoeveelheid koudemiddel in het systeem. Daarom spreekt de regelgeving vaak over CO2-equivalenten. Dit is de combinatie van de koudemiddelvulling en de GWP-waarde. De rekenformule voor CO2-equivalenten is: aantal kg koudemiddelvulling in het systeem x GWP.

Voorlopig geen verbod op R32 en R410A

Er bestaat regelmatig onduidelijkheid over de toekomst van R32 en R410A. Deze koudemiddelen worden niet direct verboden. De F-gassenverordening schrijft wel voor dat voor verschillende productgroepen steeds strengere GWP-grenzen gaan gelden. Daardoor verschuift de markt geleidelijk naar alternatieve koudemiddelen met een lagere milieu-impact.

Voor bestaande installaties blijven onderhoud en service mogelijk. Voor koudemiddelen met een GWP lager dan 2500 zijn momenteel geen einddata vastgesteld voor servicewerkzaamheden. In ons Whitepaper Koudemiddelen onderaan deze pagina lees je meer over de verboden per productgroep, het import- en productiequotum.

Waarom wordt R290 steeds populairder?

De toenemende focus op duurzaamheid zorgt ervoor dat natuurlijke koudemiddelen steeds vaker worden toegepast. Vooral propaan (R290) speelt een belangrijke rol binnen nieuwe warmtepompsystemen. Dankzij de zeer lage GWP-waarde van 3 voldoet R290 uitstekend aan de doelstellingen van de Europese regelgeving.

Daar staat tegenover dat propaan andere veiligheidseisen met zich meebrengt. Volgens ISO 817 valt R290 in veiligheidsklasse A3. Dit betekent dat het koudemiddel brandbaar is en dat aanvullende veiligheidsmaatregelen noodzakelijk zijn tijdens installatie, onderhoud en service. Juist vanwege deze veiligheidsaspecten zijn ook de certificeringsstructuren voor personen en bedrijven aangepast.

Veiligheidsklassen van koudemiddelen:

Veiligheidsklasse Eigenschap
A1 Niet brandbaar
A2L Licht brandbaar
A2 Brandbaar
A3 Zeer brandbaar

Nieuwe BRL200 certificering voor monteurs

Ben jij installateur en/of werk je aan koel-, klimaat- of warmtepompinstallaties? Dan krijg je te maken met de vernieuwde BRL200-certificering. Deze persoonscertificering vervangt geleidelijk de bestaande certificaatstructuur en legt meer nadruk op veilig werken met zowel F-gassen als natuurlijke koudemiddelen.

De nieuwe certificaatstructuur bestaat uit:

  • A1: alle hoeveelheden F-gassen en koolwaterstoffen
  • A2: F-gassen en koolwaterstoffen tot 3 kg (6 kg hermetisch gesloten)
  • B: alle hoeveelheden CO2
  • C: alle hoeveelheden ammoniak
  • D: terugwinning van F-gassen tot 3 kg
  • E: lekcontroles zonder het openen van het circuit

Bestaande F-gassencertificaten blijven geldig tot en met 12 maart 2029. Daarna gelden aanvullende eisen voor hercertificering en vakbekwaamheid. Daarnaast introduceert de nieuwe regelgeving een verplichte hercertificering iedere zeven jaar.

Nieuwe BRL100 certificering voor bedrijven

Niet alleen monteurs krijgen te maken met nieuwe eisen. Ook installatiebedrijven moeten zich voorbereiden op de vernieuwde BRL100-certificering. De nieuwe BRL100 versie 3.0 sluit beter aan op de gewijzigde Europese regelgeving en breidt de scope uit naar natuurlijke koudemiddelen.

Belangrijke wijzigingen van de nieuwe BRL100 3.0 zijn:

  • Uitbreiding van de certificering naar natuurlijke koudemiddelen.
  • Strengere eisen voor veiligheid en registratie.
  • Meer aandacht voor risicobeheersing.
  • Duidelijkere verantwoordelijkheden tijdens audits en toezicht.

Bij installaties met A3-koudemiddelen zoals propaan zijn aanvullende documenten nodig, waaronder een Taak Risico Analyse (TRA) en een Explosieveiligheidsdocument (EVD).

Meer over BRL100

Wat betekent dit voor jou?

De nieuwe F-gassenverordening verandert meer dan alleen de keuze van het koudemiddel. De regelgeving heeft invloed op ontwerp, installatie, onderhoud, veiligheid en certificering. Werk je met warmtepompen, airconditioning of koeltechniek, dan is het belangrijk om tijdig inzicht te krijgen in de gevolgen voor jouw werkzaamheden en certificeringen.

Of je nu installateur, adviseur, opdrachtgever of gebouweigenaar bent: de transitie naar natuurlijke koudemiddelen met een lagere milieu-impact vraagt om actuele kennis en vakbekwaamheid.

Wat doet koudemiddel in een warmtepomp of airconditioner?

Koudemiddel is de transporteur van warmte binnen een warmtepomp- of airconditioningsysteem. Door continu te verdampen en te condenseren neemt het warmte op en geeft het deze weer af op een andere plek. Hierdoor kan een warmtepomp energie uit de buitenlucht halen voor verwarming of warmtapwater, terwijl een airconditioningsysteem in koelmodus juist energie uit een ruimte afvoert voor verkoeling.

De keuze van het koudemiddel beïnvloedt niet alleen het rendement van de installatie, maar ook de milieu-impact, veiligheidseisen en toekomstige toepasbaarheid van het systeem.

Download het BRL whitepaper

Wil je precies weten wat de wijzigingen in de nieuwe BRL100- en BRL200-certificering voor jouw organisatie betekenen? Download dan het whitepaper "Nieuwe certificering BRL100 & BRL200". Hierin vind je uitgebreide uitleg, praktijkvoorbeelden, overgangsregelingen en een overzicht van alle belangrijke deadlines.

We helpen je graag verder

Heb je vragen over koudemiddelen, de F-gassenverordening of certificering? Neem dan contact op met onze specialisten via info@alklima.nl of via ons algemene nummer 078-6150000.

Download BRL100 & BRL200 whitepaper

Gerelateerde F-gassen documenten

Alklima_Whitepaper_Koudemiddelen_maart2024.pdf
Bestand downloaden 707,74 kB
Alklima_Whitepaper_Koudemiddelen_maart2024.pdf
ME_R32_informatiegids.pdf
Bestand downloaden 954,44 kB
ME_R32_informatiegids.pdf
Samenvatting_Koudemiddel_R290.pdf
Bestand downloaden 1,04 MB
Samenvatting_Koudemiddel_R290.pdf