Veranderingen in de EIA-regeling en subsidies 2019 voor producten van Mitsubishi Electric.

 

Energielijst 2019

Met EIA 2019 kunt u 45% (was in 2018 54,5%) van de investeringskosten van energiebesparende bedrijfsmiddelen aftrekken van de fiscale winst, bovenop uw gebruikelijke afschrijving. Daardoor betaalt u minder inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting. Het netto EIA-voordeel is ongeveer 11% van de investeringskosten. Het totale budget voor 2019 is vastgesteld op €147 miljoen. 

Voor Lucht gerelateerde warmtepompen geldt bovendien dat het maximumbedrag dat voor de warmtepomp inclusief verwarmingsnet in aanmerking komt bedraagt € 1.200 per geïnstalleerde kWth van het nominaal thermisch vermogen van de buitenunit. Onder nominaal vermogen wordt verstaan, het thermisch vermogen waarop de COP is gebaseerd.

 

Wanneer kunt u profiteren van EIA?

  • U heeft een onderneming voor eigen rekening en bent belastingplichtig voor inkomsten- of vennootschapsbelasting in Nederland.  
  • U investeert in een nieuw bedrijfsmiddel die dus niet eerder is gebruikt. 
  • U investeert in een bedrijfsmiddel dat voldoet aan de eisen van de Energielijst en dat minimaal € 2.500 kost.   
  • U de aanvraag voor EIA binnen drie maanden na het verstrekken van opdracht indient.  

Het maximum investeringsbedrag voor de aansluiting op het verwarmingsnet en het verwarmingsnet zelf, genoemd onder a t/m e, dat voor Energie-investeringsaftrek in aanmerking komt, bedraagt € 200 per geïnstalleerde kW van het thermisch vermogen van de warmtepomp.

In het onderstaande tref u voor het leveringspakket van Alklima per betreffend bedrijfsmiddel de vermelde voorwaarden.

211102: Warmtepompboiler

Deze code betreft de QAHV-N560YA-HPB Eco-cute lucht-water warmtepomp. 

Bestemd voor: het nuttig aanwenden van warmte voor de verwarming van tapwater in bedrijfsgebouwen, en bestaande uit: 

elektrisch gedreven warmtepompboiler met een COP ≥ 2,5 gemeten conform NEN-EN 16147, (eventueel) bodemwarmtewisselaar of grondwaterbron, (eventueel) restwarmteopslagvat. 

Toelichting:

Warmtepompsystemen waarbij ruimteverwarming en tapwater zijn gecombineerd, moeten voldoen aan de omschrijving van code 211103 of 211104.

Warmtepompboilers die zijn geplaatst in woningen komen niet in aanmerking. Indien centraal opgestelde warmtepompen worden gebruikt voor verwarming van tapwater voor woningen of andere gebouwen komen deze wel in aanmerking.

211103: Warmtepompen (bodemgerelateerd)

Deze code betreft de watergevoerde City Multi PQ-systemen. 

Bestemd voor: het verwarmen van bedrijfsgebouwen of het collectief verwarmen van woningen, en bestaande uit:

a. elektrisch gedreven brine/water warmtepomp met een COP ≥ 4,5 gemeten conform NEN-EN 14511-1:2013 bij conditie B0/W35 of met een SCOP ≥ 4,5 (bij stookseizoen ‘A’ = average) gemeten conform NEN-EN 4825:2016, (eventueel) bodemwarmtewisselaar of grondwaterbron, (eventueel) (ijs)buffer, (eventueel) restwarmteopslagvat, (eventueel) aansluiting op het verwarmingsnet, (eventueel) verwarmingsnet,

(eventueel) noodzakelijke aanpassing van de bestaande elektriciteitsaansluiting;

b. elektrisch gedreven warmtepomp met directe expansie (DX) in de bodemwarmtewisselaar met een COP 5,0 bij een conditie E4/W35, (eventueel) bodemwarmtewisselaar of grondwaterbron, (eventueel) (ijs)buffer, (eventueel) restwarmteopslagvat, (eventueel) aansluiting op het verwarmingsnet, (eventueel)verwarmingsnet, (eventueel) noodzakelijke aanpassing van de bestaande elektriciteitsaansluiting;

c. elektrisch gedreven water/water warmtepomp met een COP ≥ 5,0 gemeten conform NEN-EN 14511-1:2013 bij conditie W10/W35 of met een SCOP ≥ 5,0 (bij stookseizoen ‘A’ = average) gemeten conform NEN-EN 14825:2016, (eventueel) grondwaterbron, (eventueel) (ijs)buffer, (eventueel) restwarmteopslagvat, (eventueel) aansluiting op het verwarmingsnet, (eventueel) verwarmingsnet, (eventueel) noodzakelijke aanpassing van de bestaande elektriciteitsaansluiting;

d. elektrisch gedreven brine/lucht warmtepomp met een COP ≥ 3,0 gemeten conform NEN-EN 14511-1:2013 bij conditie B0/A20 of met een SCOP ≥ 3,0 (bij stookseizoen ‘A’ = average) gemeten conform NEN-EN 14825:2016, (eventueel) bodemwarmtewisselaar of grondwaterbron, (eventueel) (ijs)buffer, (eventueel)restwarmteopslagvat, (eventueel) aansluiting op het verwarmingsnet, (eventueel) verwarmingsnet, (eventueel) noodzakelijke aanpassing van de bestaande elektriciteitsaansluiting;

e. elektrisch gedreven water/lucht warmtepomp met een COP ≥ 4,5 gemeten conform NEN-EN 14511-1:2013 bij conditie W10/A20 of elektrisch gedreven warmtepomp met een COP ≥ 5,0 gemeten conform NEN-EN 14511-1:2013 bij conditie W20/A20 (waterloop), (eventueel) bodemwarmtewisselaar of grondwaterbron,(eventueel) (ijs)buffer, (eventueel) restwarmteopslagvat, (eventueel) aansluiting op het verwarmingsnet,(eventueel) verwarmingsnet, (eventueel) noodzakelijke aanpassing van de bestaande elektriciteitsaansluiting;

Het maximum investeringsbedrag voor de aansluiting op het verwarmingsnet en het verwarmingsnet zelf, genoemd onder a t/m e ,dat voor Energie-investeringsaftrek in aanmerking komt, bedraagt € 400 per geïnstalleerde kW van het thermisch vermogen van de warmtepomp.

Toelichting:

  • Warmtepompsystemen waarbij ruimteverwarming en tapwater zijn gecombineerd, moeten voldoen aan de omschrijving van code 211103 of  211104.
  • Luchtkanalen komen niet in  aanmerking.
  • Warmtepompen die zijn geplaatst per individuele woningen komen niet in   aanmerking.
  • Indien een centraal (buiten de woning) opgestelde warmtepomp wordt gebruikt voor verwarming van meer dan één woning of andere gebouwen, komt de warmtepomp wel in aanmerking, het verwarmingsnet in woningen komt niet in aanmerking.
  • Installaties dienen bij voorkeur te worden aangebracht door gekwalificeerde installateurs. In het  kwaliteitregister voor de bouw- en installatiesector QbisNl (zie hiervoor http://www.qbisnl.nl) kunt u deze installateurs vinden.

211104: Warmtepompen (luchtgerelateerd)

Deze code betreft de luchtgevoerde-warmtepomp-systemen

Bestemd voor: het verwarmen van bedrijfsgebouwen of het collectief verwarmen van woningen, en bestaande uit:

a. elektrisch gedreven lucht/water warmtepomp met een COP ≥ 4,3 voor de buitenunit gemeten conform NEN-EN 14511-1:2013 bij conditie A7/W35 of met een SCOP ≥ 4,3 voor de buitenunit (bij stookseizoen ‘A’ =average) gemeten conform NEN-EN 14825:2016, (eventueel) restwarmteopslagvat, (eventueel) aansluiting op het verwarmingsnet11, (eventueel) verwarmingsnet, (eventueel) noodzakelijke aanpassing van de bestaande elektriciteitsaansluiting;

b. elektrisch gedreven lucht/water en lucht (gecombineerd) warmtepomp met een COP ≥ 4,3 voor de buitenunit gemeten conform NEN-EN 14511-1:2013 bij conditie A7/W35, (eventueel) restwarmteopslagvat, (eventueel) aansluiting op het verwarmingsnet, (eventueel) verwarmingsnet, (eventueel) noodzakelijke aanpassing van de bestaande elektriciteitsaansluiting;

c. elektrisch gedreven lucht/lucht warmtepomp (Airconditioner systemen) met een COP ≥ 4,4 voor de buitenunit gemeten conform NEN-EN 14511-1:2013 bij conditie A7/A20 of met een SCOP ≥ 4,4 voor de buitenunit (bij stookseizoen ‘A’ = average) gemeten conform NEN-EN 14825:2016, (eventueel) noodzakelijke aanpassing van de bestaande elektriciteitsaansluiting;

Voor het bepalen van COP geldt de koelcapaciteit van de buitenunit als maximale ondergrens.

Het maximumbedrag dat voor de warmtepomp inclusief verwarmingsnet, genoemd bij a t/m c in aanmerking komt bedraagt € 1.200 per geïnstalleerde kWth van het nominaal thermisch vermogen van de buitenunit. Onder nominaal vermogen wordt verstaan, het thermisch vermogen waarop de COP is gebaseerd.

Toelichting:

  • Warmtepompsystemen waarbij ruimteverwarming en tapwater zijn gecombineerd, moeten voldoen aan de omschrijving van code 211103 of 211104.
  • Luchtkanalen komen niet in aanmerking.
  • Warmtepompen die zijn geplaatst in individuele woningen komen niet in aanmerking.
  • Indien een centraal (buiten de woning) opgestelde warmtepomp wordt gebruikt voor verwarming van meer dan één woning of andere gebouwen, komt de warmtepomp wel in aanmerking, het verwarmingsnet in woningen komt niet in aanmerking.
  • Installaties dienen bij voorkeur te worden aangebracht door gekwalificeerde installateurs. In het kwaliteitregister voor de bouw- en installatiesector QbisNl (zie hiervoor http://www.qbisnl.nl) kunt u deze installateurs vinden.

Investeringssubsidie Duurzame Energie (ISDE)

De ISDE is een meerjarige regeling die opende op 1 januari 2016 en loopt tot en met 31 december 2020. Dit jaar kunt u subsidie aanvragen van 2 januari 2019 tot en met 31 december 2019. 

Het budget voor 2019 is vastgesteld op €100 miljoen euro. 

Een warmtepomp komt in aanmerking voor de Investeringssubsidie duurzame energie als deze voldoet aan de volgende voorwaarden:

  • De warmtepomp is onderdeel van een verwarmingstoestel.
  • Het verwarmingstoestel is uitgerust met een lucht-waterwarmtepomp, grond-waterwarmtepomp of een water-waterwarmtepomp. Lucht-luchtwarmtepompen zijn uitgesloten van ISDE maar deze vallen mogelijk wel binnen de EIA regeling.
  • Het ruimteverwarmingstoestel heeft een vermogen van ten hoogste 70 kW.
  • Het verwarmingstoestel is voorzien van een etiket en een productkaart en technische documentatie.
  • De warmtepomp wordt geïnstalleerd door een deskundige installateur.

Belangrijke voorwaarden:

ISDE is een financiële stimuleringsmaatregel van de overheid die tot doel heeft om Nederland verder te verduurzamen. Het toepassen van warmtepomp systemen ligt hierbij natuurlijk in de scope van oplossingen. Voor de nieuw gebouwde omgeving zijn doelen gesteld met betrekking tot energiezuinigheid en de voorwaarden hieromtrent zijn gevat in de EPC (Energie Prestatie Coëfficiënt) voortkomend uit de EPG en EPBD. Als een warmtepomp wordt toegepast om aan de geldende EPC waarde te voldoen dan komt de warmtepomp niet in aanmerking voor de ISDE. Als kan worden aangetoond dat de EPC kan worden gehaald met de toepassing van een HR ketel, (lees; het gebouw is naast de ketel verder heel duurzaam) en door het toepassen van een warmtepomp kan een additionele verlaging van de EPC worden gerealiseerd dan komt de warmtepomp wel in aanmerking voor de ISDE. 

Voor renovatie projecten, die van toepassing zijn op reeds bestaande gebouwen, geldt de bovenstaand genoemde beperking niet en kan er altijd aanspraak worden gemaakt op de ISDE als aan de overige voorwaarden is voldaan. 

Per energiebesparende maategel kan slechts eenmaal subsidie worden aangevraagd en kan slechts van één subsidie maatregel gebruik worden gemaakt.

Alklima is u graag van dienst met het aanleveren van de meldcode voor uw systeem.